Memorandum

1. Het Tweedekansonderwijs “ Het is NOOIT te laat om een diploma in te halen”

  • Tweedekansonderwijs (TKO) richt zich tot volwassenen die een diploma secundair onderwijs willen behalen, identiek aan dat van het leerplichtonderwijs, hetzij op ASO-niveau, hetzij via algemeen aanvullende vorming in combinatie met een beroeps- of technische opleiding. Het diploma stelt cursisten in staat om verder te studeren, promotie te maken of werk te vinden, en levert hen tegelijkertijd de nodige competenties op om volwaardig te kunnen deelnemen aan het maatschappelijk leven.
  • De instroom bestaat uit volwassen leerders die omwille van tal van redenen(1) hun diploma niet behaald hebben via het leerplichtonderwijs De maatschappelijke kwetsbaarheid én diversiteit van deze doelgroep spreekt voor zich: ze hebben veelal negatieve schoolervaringen, leer- en ontwikkelingsstoornissen, kansarmoede, moeilijke thuissituaties, socio-emotionele problemen, psychische of fysieke gezondheidsproblemen, verslavingsproblematieken. Dit dwingt tot een aangepaste aanpak, methodieken en omkadering.
  • Tweedekansonderwijs is een duurzame oplossing(2) om de ongekwalificeerde uitstroom in Vlaanderen terug te dringen. Deze onderwijsvorm verdient maximale focus en investering.

2. Drempels verwijderen


Het behalen van een diploma secundair onderwijs is een startkwalificatie en dientengevolge een RECHT dat ook voor volwassen leerders maximaal moet gefaciliteerd worden. In de praktijk stellen we voor volwassenen echter heel wat drempels vast.


2.1 Basisfinanciering


Elke volwassene die het Tweedekansonderwijs aanvat moet haar recht op een basisfinanciering kunnen behouden:

 

  • Werkzoekenden mogen voor het aanvatten of tijdens de opleiding niet bestraft worden met het verlies van hun uitkering. De RVA-reglementeringen staan momenteel haaks op de noden van onze laaggeschoolde, werkloze cursisten. Opgelegde wachttijden voorafgaand aan het diploma-traject evenals verplichte wachttijden na het behalen van het diploma om te mogen doorstromen naar een vervolgopleiding in het hoger onderwijs werken demotiverend en zorgen voor tijdverlies.
  • Jong-volwassenen die nog kinderbijslaggerechtigd zijn, mogen hun kinderbijslag niet verliezen als het modulair systeem tijdelijk geen pakket van 17 uren bevat. De normen moeten aangepast worden aan de eigenheid van het volwassenenonderwijs.
  • Studietoelagen moeten mogelijk gemaakt worden.
  • Leefloongerechtigden moeten maximaal gestimuleerd en ondersteund worden bij het volgen van Tweedekansonderwijs en een eventuele vervolgopleiding.

2.2 Oog voor talenten en capaciteiten

 

  • De tendens om het secundair volwassenenonderwijs in te schakelen om knelpuntberoepen weg te werken, is een zaak waar TKO ten volle aan meewerkt. Zo zetten we in op OKOT-trajecten.
  • Onder de maatschappelijke druk voor snelle tewerkstelling mogen we echter niet voorbijgaan aan de realiteit dat er zich binnen de ongekwalificeerde uitstroom ook een groep bevindt met de capaciteit én ambitie om verder te studeren aan een hogeschool en/of universiteit. Ook deze trajecten moeten blijvend gefaciliteerd worden, zowel binnen het volwassenenonderwijs als het hoger onderwijs.

3. Maximale erkenning van onze eigenheid


Het Tweedekansonderwijs onderscheidt zich als unieke onderwijsvorm binnen het volwassenenonderwijs door haar specifieke doelgroep, haar aanpak en haar methodieken. De eigenheid van het Tweedekansonderwijs moet vertaald worden naar een aangepaste omkadering. De huidige decretale bepalingen van het secundair volwassenenonderwijs zijn ontoereikend om haar opdracht optimaal in te vullen.
Doorheen de jaren werd heel wat expertise opgebouwd. De Federatie Tweedekansonderwijs Vlaanderen overkoepelt de centra die het studiegebied Algemene Vorming in hun aanbod hebben om deze expertise te delen en de belangen van het Tweedekansonderwijs te behartigen.


3.1 Nood aan een aangepaste omkadering


Tweedekansonderwijs heeft specifieke kenmerken.

  • De diversiteit aan profielen en instapniveaus van de instromers. Dit dwingt tot een uitgebreide screening en oriëntatie voorafgaand aan het traject. Alleen een dergelijke intensieve oefening maakt het uittekenen van een individuele leerweg op maat van de cursist mogelijk en garandeert een correcte oriëntatie naar het juiste instapniveau per module. Deze screeningsperiode (inloopperiode) is zeer intensief en neemt organisatorisch makkelijk tot 2 weken in beslag, maar is momenteel niet opgenomen in het lestijdenpakket. We pleiten voor de erkenning van de inloopperiode als vaste module van elke opleiding binnen het studiegebied Algemene Vorming.
  • De keuze voor een maximale combinatie van modules met een hoog aantal lesuren per week in overwegend dagonderwijs. Het modulair systeem laat toe individuele trajecten uit te stippelen naargelang voorkennis en gekozen tempo. Dit dwingt ons zeer veel aandacht te besteden aan trajectbegeleiding. Trajectbegeleiding omvat een scala van activiteiten gaande van intake, oriëntatie, leerwegplanning (en herplanning), opvolging van de leervorderingen over de modules heen, evaluatie en remediëring tot en met advies m.b.t. verdere studies. We pleiten voor een uitbreiding van coördinatie-uren om deze taak ten volle te kunnen opnemen.
  • De toenemende instroom ‘zorgcursisten’ die dwingt tot een professioneel uitgebouwd zorgkader. Uit analyse van de resultaten van de VASEV-test(3) ontworpen door Prof. Depreeuw (KUL) blijkt dat 4 op 5 cursisten van het Tweedekansonderwijs kampen met leerstoornissen, ontwikkelingsstoornissen, een hoge mate van faalangst, een hoge mate van socio-emotionele problemen of een combinatie ervan. Bijgevolg: zij hebben een reële kans om niet te slagen. Een aangepast zorgbeleid met veel ruimte voor individuele begeleiding, faalangsttraining, begeleiding uitstelgedrag, studiebegeleiding, socio-emotionele begeleiding, het uitreiken van zorgpaspoorten, enz. zijn een noodzaak binnen het Tweedekansonderwijs. We verdedigen dan ook de uitbreiding van de ‘leerzorg’ naar het Tweedekansonderwijs, hetzij via kleinere delers voor het Studiegebied Algemene Vorming of via een vaste set van coördinatie-uren.

Verdere bezorgdheden betreffen:

  • Traject- en zorgbegeleiding vraagt de nodige expertise en de mogelijkheid tot permanente deskundigheidsbevordering. Traject- en zorgcoördinatoren zijn geen leerkrachten met enkele extra begeleidingsuurtjes, maar experten die voldoende ruimte moeten krijgen om te professionaliseren.
  • De geletterheidsmodules kunnen een ondersteuning betekenen voor het Tweedekansonderwijs. We pleiten er voor dat deze modules voor iedereen gratis zijn en met lage ‘delers’, zodat deze flexibel kunnen ingezet worden.
  • Toegekende coördinatie-uren voor trajectbegeleiding en zorgbeleid zouden niet afgetopt mogen worden.
  • Een toekomstige schaalvergroting en/of noden in andere opleidingen van de instelling mogen geen invloed hebben op de omkadering van het Tweedekansonderwijs. We pleiten voor enerzijds een transparante toekenning van de middelen en anderzijds het decretaal inkleuren van deze middelen voor aanwending uitsluitend in algemene vorming.

3.2 Erkenning van onze expertise

3.2.1 Netoverschrijdend overleg Tweedekansonderwijs honoreren.

De Federatie Tweedekansonderwijs Vlaanderen vzw, is een netoverschrijdend, dynamisch overlegplatform van vertegenwoordigers van centra voor volwassenenonderwijs met onderwijsbevoegdheid in het studiegebied Algemene Vorming. We stellen ons tot doel onze krachten te bundelen om zo de belangen van het Tweedekansonderwijs als entiteit binnen het (volwassenen)onderwijs alsook de belangen van onze specifieke doelgroep te behartigen. Vanuit onze opgebouwde ervaring en expertise streven we ernaar mee vorm te geven aan het algemeen (onderwijs)beleid. Daarom wensen we erkend te worden als officiële gesprekspartner.

3.2.2 Onze expertise honoreren.

De Federatie Tweedekansonderwijs streeft ernaar vanuit ieders expertise relevante informatie uit te wisselen en de TKO- werkingen en hun opleidingen inhoudelijk en structureel op elkaar af te stemmen om aldus een professioneel, innovatief en sterk Tweedekansonderwijs in Vlaanderen uit te bouwen. In de schoot van het Tweedekansonderwijs werden reeds met de vrijwillige inzet van vele leerkrachten overkoepelende initiatieven genomen die het Tweedekansonderwijs als geheel ten goede kwamen. De Federatie wenst de nodige middelen te ontvangen (bijvoorbeeld via detachering) om de coördinatie van de werking mogelijk te maken.

4. Maximale samenwerking tussen de verschillende onderwijsverstrekkers

Met de hervorming van het secundair volwassenenonderwijs in 2007 vervulde het volwassenenonderwijs een PIONIERSFUNCTIE. De doorgedreven modulaire structuur, de opheffing van TSO en BSO, de invulling van AAV, de erkenning van EVC’s en EVK’s en de uitwisselbaarheid van certificaten zijn inmiddels volledig geïmplementeerd en werpen positieve resultaten af. De belofte op afstemming via hervormingen bij naburige opleidingverstrekkers werd echter alsnog niet opgevolgd. Dit staat een maximale inwisselbaarheid van certificaten over de verschillende vormen van (volwassenen)educatie heen in de weg.

4.1 Betere aansluiting van secundair onderwijs naar volwassenenonderwijs

De hervorming van het volwassenenonderwijs en de uitblijvende hervormingen binnen het secundair onderwijs zorgen voor een breuk en een gebrek aan aansluiting. Tegelijkertijd geloven we dat het volwassenenonderwijs tot voorbeeld strekt voor het secundair onderwijs. Nu de hervorming van het secundair onderwijs op de agenda staat zijn wij bereid onze opgebouwde expertise, organisatievormen en methodieken te delen. Op die manier kan ook een betere aansluiting mogelijk gemaakt worden.

4.2 Ongelijkheden tussen de verschillende onderwijsvormen opheffen

4.2.1 Deeltijds onderwijs

De verschillende vormen van deeltijds onderwijs (leren en werk) werden enkele jaren geleden uitgebreid met de mogelijkheid tot diplomagerichte trajecten die eveneens leiden tot een volwaardig diploma secundair onderwijs. Met het oog op een maximale inwisselbaarheid van certificaten, zouden de trajecten Algemene Vorming (AAV/PAV) voor volwassen leerders vanaf 18 jaar gelijker moeten stromen, zeker als het tot eenzelfde diploma leidt. We pleiten niet alleen voor een betere afstemming, maar ook voor gelijke voorwaarden voor gelijkwaardige diploma’s voor alle volwassen leerders vanaf 18 jaar.

4.2.2 Vlaamse Examencommissie

Cursisten van het Tweedekansonderwijs maken vaak combinaties met de examens van de Examencommissie. Ook hier moet gestreefd worden naar een maximale inwisselbaarheid van deelattesten en certificaten. Gelijkwaardige diploma’s en eindtermen mogen niet fundamenteel verschillen. Het AAV-certificaat moet decretaal gelijkgesteld worden met de algemene vorming van TSO en BSO. Beide evaluatiemogelijkheden moeten mekaar aanvullen en niet zorgen voor concurrentie.

4.3 Maximaliseren van samenwerkingsverbanden

4.2.1 Een breed aanbod diplomagerichte opleidingen 

Cursisten TKO kunnen in combinatie met AAV diplomagerichte opleidingen volgen die leiden tot een diploma secundair onderwijs. Om een breed aanbod te realiseren werken centra met onderwijsbevoegdheid algemene vorming samen met andere CVO’s uit de regio. De trajectbegeleiding en zorgondersteuning verloopt niet altijd eenvoudig bij dergelijke duale trajecten: het gaat immers over een centrumoverschrijdende samenwerking. Binnen het Tweedekansonderwijs is de nodige expertise aanwezig, maar niet altijd de nodige middelen. Daarom pleiten we voor aparte coördinatie-uren voor de begeleiding van duale trajecten.

4.3.2 Administratieve vereenvoudiging van OKOT-trajecten 

In onze samenwerking met de VDAB zorgen overlappende administratie (zoals dubbele registratie en inschrijving) en bijtijds conflictueuze wetgeving (zoals regeling afwezigheden) voor nodeloze overbelasting. We vragen deze euvels weg te werken.

 

(1)Glorieux, I., Heyman, R., Jegers, M. (2009). Wie herkanst? Sociografische schets, leerroutes en beweegredenen van de deelnemers aan het Tweedekansonderwijs en de Examencommissie. Antwerpen/ Apeldoorn: Garant

(2)Raes, A. (2008). Effecten op het gebied van sociale, professionele en educatieve redzaamheid na deelname aan het Tweedekansonderwijs in Vlaanderen: een kwantitatief onderzoek. Ongepubliceerde thesis, Universiteit Gent (digitaal beschikbaar via http://www.scriptiebank.be )  en Van Bunderen, G. (2012). Het secundair volwassenenonderwijs: opstap naar meer? Een longitudinale studie. Ongepubliceerde thesis, Universiteit Antwerpen (digitaal beschikbaar via http://www.scriptiebank.be ).

(3)Depreeuw, E., Steenhaut, S., Vanneste, S., Van den Eynde, E. (2010). Handleiding Vragenlijst Studie- en Examenvaardigheden LevensLang Leren - VaSEV-LLL. Mechelen: VOCVO.